Bekijk profielpagina

Johnny Quid, Onironisch Nederland, tribalisme als stijlvorm en een foto van mijn hond - Nijmans Nieuwsbriefje - Editie #31

Nijmans Nieuwsbriefje
We moesten het maar eens hebben over de onschuld van GeenStijl

Afgelopen nieuwsbrieven werd hier mijn beleving van de overname van GS herkauwd, als een soort verwerkingsproces van de razende jaren waarin ik mezelf meermaals voorbij gerend ben. Gecombineerd met het van social media uitgeplugde verhuisreces (het huurappartement is na vijf maanden verruild voor een eigen casa en hier kun je dat woord onironisch gebruiken!), is een mentale afstand ontstaan die vrij baan geeft aan de oververmoeidheid des doods - er zijn dagen dat nadenken over het avondeten al pijn doet - maar die ook de scherpe randjes van de verbetenheid en frustraties met enige mildheid heeft geschuurd.
Zodoende had ik na de laatste editie, over de wijnkelders van Jaap en een biertje met een Belg die eindigde op de overnamedatum van 1 november 2018, geen zin om meer een zwaarmoedige klaagzang te componeren over het gewicht van ondernemerschap zonder ervaring, waarin de wrede goden van de vrije markt, de duivelse krachten van de bureaucratie en de in enkele gevallen ongelukkig geworpen dobbelstenen die “personeel” en “perikelen” heten drie jaar lang tot een vieze soep getrokken werden die vaak wél zo heet gegeten moest worden als hij werd opgediend. En dat allemaal grotendeels in een pandemisch decor waarin de hele wereld om ons heen z'n shit aan het verliezen was.
TL;DR: Het was ontzettend kut, maar het is allemaal water onder de brug en tevens is GeenStijl geen loodzware opera, het hoort een lichtvoetige klucht te zijn.
Het lijkt me niet dat ik mijn eigen lichtvoetigheid terug ga vinden als ik blijf malen hoe zwaar en vervelend het allemaal was, de afgelopen jaren. Belangrijker is dat het nu goed gaat - niet in de laatste plaats dankzij het kattenvrouwtje uit Noord.
Van Johnny Quid naar Ongehoord Nederland
Dat mag allemaal klinken als een gezonde vorm van naar voren kijken maar ik wilde juist nog verder terugblikken, naar grofweg 2011 tot 2013, toen ik het roze redactiegroentje was aan een tafel waar ik aan mocht schuiven bij Brusselmans, Mutsaerts en Johnny Quid. Dumpert kreeg op dezelfde dag dat ik begon z'n eerste eigen redacteur - Bootsjongen - en we zaten met dat cluppie nog in de geweldige Plantage-studio bij Artis, waar Pritt met gaffer tape een bloksnor op een schilderij van Matthijs van Nieuwkerk plakte en via GS te koop aanbood.
Maar de directe aanleiding om die terugblik dat vandaag te doen, is het reilen en zeilen bij het zwakzinnig-rechtse omroepje Ongehoord Negerland Nederland. Daarin is helaas ook weinig lichtvoetigheid te vinden, want mijn favoriete werkveld - het publieke debat - is ontaard in een ontelbaar veelvoud van ‘mijn kleine oorlog’-jes van te veel individuen die het niet meer kan schelen hoe schel hun klaroen klinkt.
(Hier het geluid van een heel klein viooltje.)
Enfin, Onironisch Nederland dus, die het voor elkaar krijgen om een toch al vervelend bekrompen publieke omroep nog wat verder dicht te tikken met stupide stammenretoriek over het woord ‘neger’.
Omroep PowNed maakte in 2014 het fantastische item ‘De neger omdat het moet’, waarin het opgelegde kleurlingenquotum van de NPO op tamelijk hilarische wijze uitgelachen werd. Het toonde - toen al - de stompzinnigheid van huidskleurquota aan. ON! maakte deze week ‘De neger omdat het moet kunnen’ en ging keihard op de melkmuil in een poging om anti-blank racisme te bespreken. Het was niet grappig, er werd niets aangetoond en na afloop werd het “belang” van hun bijdrage aan het “debat” in een slachtofferjasje gewikkeld.
Nee, het is heus niet dat er geen anti-blank racisme bestaat, maar dat kaart je niet aan door op televisie ‘neger neger neger’ te roepen bij contextloze video’s van zwarten die blanken belagen en dan ZIE JE WEL te kirren als (ook bijna louter blanke) mensen iets te hysterisch hard happen op je insipide racismeretoriek. Domme shit uitzenden, in de respons daarop je gelijk zien en vervolgens het slachtofferschap koesteren door er nauwelijks verholen mee te koketteren: Ongehoord Nederland is het BIJ1 van stomrechts.
Dr. Jan van de Beek heeft er goede woorden aan gewijd en zelfs Hans Teeuwen trok de humorloze cringe-factor van met name Raisa Blommestijn niet meer en kroop in de pen camera:
Hans Teeuwen - Niet Grappig
Hans Teeuwen - Niet Grappig
Schuld van GeenStijl!
Deze meest recente faux-pas in een snel langer wordende lijst is een fantastisch bewijs van de Theorie van Tieskens (aka Ronaldo), dat de makers van ON! te veel GeenStijlTV en PowNed uit de Rutger-tijd gekeken hebben, op spectaculaire wijze de grap hebben gemist en onironisch zijn gaan denken dat *dit* is hoe je serieuze, kritische journalistiek bedrijft in een policor medialand. In werkelijkheid drijft het gros van die ouwe GSTV-video’s op het geluk van de greep, één scherpe vraag en hopen dat mensen happen - om vervolgens in de edit zelf alvast in een scheur te liggen over de stomme shit die serieuze (en destijds nog vaak niet-gemediatrainde) mensen in een plopkap spugen als je ze een beetje prikkelt.
Zo niet bij ON. Die hebben toevallige omstandigheden geschrapt, de open vraag verruild voor koppige stelligheid en de humor überhaupt nooit gevonden en het gevolg is een soort Dagelijkse Standaard met subsidie en een studio, waar in Forumfolie gewikkelde complotten op bozige toon als serieuze narratieven worden verkocht aan lichtgelovige lunchkijkers uit de qua kritisch denkvermogen meer kwetsbare kanten van wat we met veel gevoel voor overdrijving ‘het maatschappelijke debat’ noemen. En die mensen wordt heel leep aangepraat dat ze júist kritisch denken door naar ON! te kijken - iets dat ze zelf heel graag willen geloven.
Je kan dit lezen als een hand(je) in eigen boezem, daar GeenStijl natuurlijk de bijl aan de wortel van de stam van de journalistieke zeden is. Schuld van GeenStijl, heet dat in vaktermen.
Toen GS werd opgericht door Dominique Weesie, bijna twintig jaar geleden, groeide het razendsnel uit tot een van de meest interessante webstekken van Nederland - feit. Snedige pennetjes schreven schot met schelmenhumor, brachten via taal het internet tot leven en prikten op precies de juiste open zenuwen van de policor pers. Een verademing, vond ik dat als verveelde en geïrriteerde NRC-lezer. Een bevrijding, na de verkramping rond Fortuyn en Van Gogh (het was rond diens dood dat ik GS ontdekte).
GS wekte ook ergernis, maar altijd bij precies de juiste personen. VARA-coryfeeën. PvdA'ers en GroenLinksers. Pijprokende courantenmakers die de term “dode bomen” als een halve bedreiging ervoeren en van een “Ga eens deaud” sidderende rigor mortis kregen.
GS deed dingen die door het tijdsoog van nu op het randje van schofterigheid balanceren (en volgens sommigen daar overheen), maar je moet toen nooit met de ogen van nu bekijken wanneer je iets binnen zijn eigen tijd en context probeert te begrijpen. Op GeenStijl staat het woord neger natuurlijk ook best wel vaak (maar niet zo vaak als in De Volkskrant). Het woordje is dan ook het probleem niet zozeer in het Ongehoord-item, het is de context van verongelijkte tribalisme van mensen die handelen in retoriek van het niveau “Als ze mij wit noemen, dan ga ik neger zeggen” en daar dus kennelijk rond lunchtijd (en op Twitter) het beste publiek voor kunnen vinden.
Nou zou een lichtvoetige lach daarop de enige juiste reactie zijn, maar dat schip heeft de haven al zo lang geleden verlaten dat zelfs de holle echo’s de kust niet meer bereiken. Hysterisch links is overdreven boos over een stom itempje en chronisch verongelijkt rechts viert in reactie daarop zijn zelfverklaarde dappere strijd net iets te gretig, aangevoerd door “Tabula” Raisa Blommestijn, de vrouw die promoveerde op de Weimar-republiek en de geest van die tijd daarbij verinnerlijkt lijkt te hebben door moed en wanhoop consequent met elkaar te verwarren:
Raisa Blommestijn
Talloze (doods)bedreigingen, geweldfantasieën en haatberichten verder naar aanleiding van de uitzending van Ongehoord Nieuws gister. Bizar wat een enkel woord bij mensen losmaakt, maar tevens ook illustratief waarom we dat dus wél moeten gebruiken. Niet buigen voor intolerantie.
Van Ongehoord Nederland naar Johnny Quid
Op de kurk van deze postjournalistieke fophef dreven mijn gedachten af naar zo'n tien jaar terug, toen achteloos sarcasme en onverschillig gehanteerde ironie niet alleen de toon van GS bepaalden, maar ook nog resoneerden op Twitter. De online tegencultuur was veel breder, links noch rechts en sowieso niet zo boos. Zuur en verbeten, dat was iets voor oudmediale krantenmannetjes die hoopten dat het internet slechts een hype was (en niet - oh ironie - het dominante platform waaraan zijzelf uiteindelijk hun ziel zouden verkopen door hun kranten in clickfarms te “vernieuwen”), humorloze hbo-docenten journalistiek die al zo veel moeite hadden om De Telegraaf tot het grootste kwaad te bestempelen en nu ook nog een opstomende online counterculture moesten verketteren, en natuurlijk: perkamenten linkse feministen die hun eigen vergankelijkheid projecteerden als vrouwenhaat bij ieder grapje over een dikke reedt of een stomme soepjurk.
Kortom: toen fophef nog #Ophef! was, omdat bijna iedereen de grap wel snapte. Iedereen op internet althans. Brusselmans kon politici over het polemische wasbord trekken door feilloos hun motieven aan hun uiterlijk te koppelen, Mutsaerts had een speciale gave om gekkies aan de onderkant te beschimpen door ze een klein beetje te vieren en Johnny Quid, sja: de tomeloze energie van zijn topics was jarenlang de drijvende kracht achter heel GeenStijl. Het was me een eer om daar tussen aan te mogen schuiven.
In die tijd componeerde Quid - de marketingwereld hebbe zijn gouden pennetje - nog lijsten met de 50 coolste twitterkerels en de 50 lekkerste twitterwijven, en daarna organiseerden we een feest voor die lijst waar (de inmiddels ook al zo agressief-linkse) FTM-frontman Eric Smit nog kwam optreden met z'n bandje. Om het op z'n Westlands te zeggen: Goud.
Tribalisme als totem
Dat is geen miskenning van de huidige stijlloze bloggers, al zal ik die bij leven niet zo luidkeels prijzen want er moet ook gewoon gewerkt worden. Voor Ronaldo, Spartacus, Mosterd en Struikrover is het in wezen veel ingewikkelder om een lichtend polemisch pad te vinden in een tijd dat ieder gesprek, iedere uitspraak, elke per ongeluk hardop gevallen gedachte al tot een bermbrand kan leiden. En het geldt al lang niet meer dat alleen de ‘juiste mensen’ boos worden van woordjes, grappen of sketches. Dankzij de pogingen van de juiste humorloze mensen als Loes Reijmer en Rosanne Herpes.. Heinz.. Dinges om GeenStijl kapot te maken omdat ze sarcasme en mild seksisme niet snappen, is GS juist onafhankelijk geworden van het mainstream Mediahuis. Maar aan de andere kant van het spectrum proberen de verenigde wappies GS met dezelfde amechtige gretigheid kapot te maken - omdat ze geen humor hebben.
(Moment hoor, hier even een pijp stoppen om op het uiteinde te kunnen knabbelen tijdens het doceren van nieuwmediale journalistiek.)
Vroegah, als GS iets schreef of als een stijlloos angehauchte iets twitterde dat door de deugdzame goegemeente uit Het Reservaat (zoals wij media + Grachtengordel + NPO destijds noemden) als “onfatsoenlijk” of “respectloos” of zelfs “racisme” en “extreemrechts” werd geduid, dan wist bijna iedereen met gezond boerenverstand dat zulks een tikje overdreven was, en bezijden de werkelijkheid. Want context, polemiek en ironie deden er nog toe. Ook bij mensen die niet van GS (of PowNed) hielden.
Kloodtzakjes waren we, maar aardige kloodtzakjes.
Thans, echter, heeft de zelfingenomen deugdzame kaste hun woordjes ‘fatsoen’ en ‘respect’ en ‘racisme’ en ‘fascisme’ en wat dies meer zij zo hard uitgemolken dat ze als wegwerpkoe tussen het slachtafval van het publieke discours zijn geëindigd. Mede daarom hebben de uitdagers van de deugers al hun schroom van zich af gegooid: Als je toch al een racist bent in de ogen van vroom/elitair policor/links, wat zou je dan nog je woorden wegen? Dan kun je los. Ongeremd, ongefilterd, ongegeneerd. En ze zijn met velen, want sociale media hebben het internet ook toegankelijk gemaakt voor digibeten, analfabeten en sociaal gehandicapten.
Gek genoeg gaat die ongefilterde drang om “de waarheid” te zeggen vaak gepaard met een groteske, naar agressie leunende verongelijktheid. Mensen die boos zijn omdat ze iets niet zouden mogen zeggen wat ze zojuist hardop gezegd hebben: het heeft iets koddigs, ware het niet dat de aanjagers van hun agressie zichzelf voeden met de woede van hun publiek. Thierry Baudet en zijn clownsposse doet het in Forumland, Arnold Karksens en de zijnen bij Ongehoord Nederland. Ze bedienen een niet heel grote, maar ook niet heel kleine groep enorm verongelijkte mensen die bereid zijn om alles te geloven zolang het maar niet het narratief van - platgeslagen - SIGRID KUTKAAG EN MARX RATTE VAN HET WEF!!1!! volgt.
Nou is op die narratieven ontiegelijk veel aan te merken, maar behalve van een enkele malloot met een fakkel voor de deur, hebben Kaag en Rutte weinig te vrezen van een woedende online horde die vooral de eigen staart tussen de tanden heeft. Je zou de gecombineerde FvD/ON!-horde een vorm van… gecontroleerde oppositie kunnen noemen? [Clown-emoji]
Vroeger had een tribale stam een totem waar de wapens en kleuren in gekerfd werden, naast de zeges en herinneringen van gevoerde strijd tegen andere stammen. Win some, lose some, remember them all - en leer er van. In het online discours van nu lijkt het tribalisme zelf de totem. In de echokamers van ON! (en FvD, maar ook wokelinks, de genderbenders, het XR-gedeelte van de klimaatbeweging, de extreme eurofielen, de zero-covid pro-vaxxers, enfin: alle extremistische stammen dus) is onderbouwing steeds meer overbodig, is het markeren van doelwitten belangrijker dan de redenering onder je argument en waarom zou je retorische wapens als humor en overtuigingskracht gebruiken als je ook je gelijk gratis kunt ophalen in de vorm van de woede, onwil en weerzin van je tegenstander?
Nee, dan de PVV!
Er is vast een heleboel wetenschappelijks te zeggen over hoe verslaving aan sociale media, dopamine, de rush van korte kicks en het ontbreken van fysieke sociale filters in digitale interacties hierin een rol spelen, maar ook los van die duiding kunnen we toch vrijuit constateren dat het niet alleen woke-links is dat graag context, rede en ratio weglaat bij het veroordelen van (rechtse) personen of (blanke, heteroseksuele en heteronome) groepen in de samenleving. Ongehoord Nederland bewees andersom hetzelfde met hun faliekant gefaalde poging om anti-blank racisme voor het voetlicht te brengen - hoewel hun achterban dus wel overtuigd is door het item van ON, maar dat komt vermoedelijk omdat ze het niet dóór de uitzending, maar vóór de uitzending ook al vonden. Het enige dat beide zijden van het hoefijzer gemeen hebben, is hoe giftig ze allemaal reageren op kritiek. Verongelijkte woede om te verhullen dat de argumenten gammel zijn. Wat vooral beklijft van die boosbrigades, is hun onmacht. Talkshowtafels doen graag gewichtig over de vermeende dreiging van zo veel online onfatsoen, maar in de echte wereld wordt er geen piketpaal door verschoven. Er gaan alleen maar meer hakken dieper in het zand.
Ter vergelijk. Denk eens aan de PVV, een relikwie uit ongeveer dezelfde oertijd als GeenStijl: plotseling een partij van rust en redelijkheid in vergelijking met de op nonsens gebouwde tentenkampen van het rechtstribalisme. Wilders noemde Sophie Hermans een ‘tassendrager van Rutte’ en wekte daarmee de woede van… precies de juiste mensen! De rest van Nederland zag dat hij gelijk had, en hij verwoordde het binnen het politieke debat, zonder schelden en zonder complotten. Jeetje, wat een verfrissend geluid!?
In tegenstelling tot het neger-item van ON!, had dat ene woordje van Wilders wél een real world effect, want de voor haar functie ongeschikte Hermans werd voor de ogen van de natie ontkleed als keizerin. Het enige dat ON! bereikt, is een vorm van ophef die het zicht op het onderwerp ontneemt. Anti-blank racisme, dat bestaat, is nog lastiger bespreekbaar geworden omdat mensen die er wél iets zinnigs en serieus over zouden kunnen zeggen, afgeschrikt raken door associaties met Arnold en Raisa en de soms door nauwelijks verholen racisme gekenmerkte woede van hun achterban.
Maar sorry, die constatering zal wel mainstream zijn, en deugen bovendien.
Onschuld van GeenStijl?
De vraag die ik mezelf hier dus kan stellen, is binnen deze context (ha!) niet onterecht: is GeenStijl op basis van leeftijd, bereik en positie op het speelveld een soort mainstream medium geworden en zo ja, hoe vreselijk is dat precies? Klassiek linksmediaal zullen we nooit worden, want het mooie magenta van onze voorpagina is niet tegen die hoge zuurgraad bestand. Verder naar rechts opschuiven vanuit het onredelijke midden waar we onszelf altijd gepositioneerd hebben dan, om een paar luidruchtig verongelijkten, complotdenkers en wappies te pleasen? Ghe. De een z'n goedkeuring is de ander z'n afgrijzen, zullen we maar zeggen. En zoals Pritt het vroegah altijd al zei: het aapje GeenStijl treedt louter op in eigen circus. Waar het de afgelopen jaren - voor mijzelf althans - ook al moeilijk genoeg was om tijdens de act te zeggen: Smile! Je staat op GeenStijl!
Na elf, twaalf jaar in dat circus kan ik de simpele tijden van fatsoen & respect wel eens missen. Want toen werd er nog wel eens gelachen. Samen, vooral. Vooruitblikkend zie ik daar op korte termijn weinig kans op.
Het Grote Fatsoen & Respect Lied
Het Grote Fatsoen & Respect Lied
Wel altijd goed voor een smile: hondje!
We kochten een huis dat bij haar kleuren past
We kochten een huis dat bij haar kleuren past
Shake it off
Shake it off
THERE'S TWO!? 🧐
THERE'S TWO!? 🧐
Geef om deze melancholische ouwe blogger
Vragen staat vrij
Steun Bart Nijman en ontvang extra nieuwsbrieven.
Vond je deze editie leuk? Ja Nee
Bart Nijman
Bart Nijman @bartnijman

De ontpoldering van een Importugees die ironische distantie niet snapt en daarom 2500 kilometer verderop is gaan wonen

Je kunt je abonnement hier beheren
Klik hier om je uit te schrijven.
Als deze nieuwsbrief doorgestuurd is en je wilt je aanmelden, klik dan hier.
Created with Revue by Twitter.
Het Internet, via Portugese Proxy